Kuyk, Harry Van [4 ]

Zevenaar, 2 maart 1929 - Nijmegen, 7 mei 2008

Biografie: Harry Van Kuyk

Harry van Kuyk werd geboren in een van de strengste winters van de twintigste eeuw, op 2 maart 1929 in Zevenaar. Zijn laatste lagere schooljaren vielen in de Tweede Wereldoorlog en waren eerder een onregelmatig tijdverdrijf dan een start voor verdere opleidingen. In de 'vrije' tijd die hij daardoor kreeg, werd hij door zijn eerste leermeester Harry Gruben als leerling-zetter een kleine drukkerij binnengehaald. Deze drukker en typograaf, zelf leerling van de beroemde Maastrichtse typograaf Charles Nypels, leerde hem de eerste beginselen van dat eeuwenoude beroep. 'Wie ooit de geur van drukinkt heeft geroken, komt er nooit meer van los', schreef de Groningse drukker en kunstenaar H.N. Werkman; een statement dat wel zeer toegesneden was op Harry van Kuyks verdere leven.

Een paar jaar na de oorlog en met slechts een jonggezellendiplomaatje op zak verliet hij, in de traditie van de Wandergeselle, zijn geboorteplaats en trok naar de drukkersstad Haarlem. Als handzetter kwam hij te werken bij het toen zeer bekende drukkers- en uitgeversbedrijf Boom-Ruygrok; een werkgever die van zijn personeel echter méér eiste dan een papiertje van een lagere opleiding in de typografie.
Ondanks zijn ontoereikende vooropleiding werd hij bij uitzondering toch toegelaten tot de Amsterdamse Grafische School. Voorwaarde was, dat hij in dezelfde leertijd zijn Mulo-diploma zou halen. Tegelijkertijd verdiende hij bij Boom-Ruygrok de kost.
Na zijn studie werkte hij kort in het walhalla der drukkunst, het beroemde en historische bedrijf Joh. Enschedé en Zonen te Haarlem. De met deze plek verbonden typografen Jan van Krimpen en Sem Hartz wezen hem de weg naar de perfectie die hij voorstond in de gebonden vorm van typografie.
Maar ook de grafiek in de vrije, artistieke sector intrigeerde hem. Hij nam privélessen en hospiteerde aan de Rijksakademie.

Daarna keerde hij terug naar Gelderland. Hij werkte enkele jaren bij uitgeverij De Gelderlander in Nijmegen als ontwerper en lay-outman op de afdeling vakpers. Ondertussen ontwierp, schilderde, tekende, etste en fotografeerde hij.

De Centrale Drukkerij in Nijmegen bood hem de gelegenheid te werken op de design- en verkoopafdeling, een post die hij met veel enthousiasme vervulde. Na een fusie van het bedrijf koos hij in 1965 voor het vrije kunstenaarschap, en wel voor de artistieke richting van het grafische beroep: de vrije en onafhankelijke grafiek.

Hoewel hij de klassieke en de moderne grafische technieken kende, begon hij te experimenteren met een druktechniek die verder moest gaan dan de blinddruk, het drukken zonder inkt. In 1969 ontstond er een soort prent in bas-reliëf die hij 'reliëfdruk'

noemde. Deze vinding bracht zijn werk over de hele wereld. De speciale drukpers, die bijna veertig jaar dienst deed, liet hij in 1971 bouwen met steun van het ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk onder minister Marga Klompé. Deze pers is nog steeds uniek.
Zijn reliëfdrukken waren te zien op vele nationale en internationale tentoonstellingen en grafiekbiënnales. In 1974 werden ze in Frechen (BDR) met zilver bekroond. Verzamelaars en musea verwierven zijn werk. Zo reisde hij voor tentoonstellingen en collectioneurs vele keren naar Amerika.